In Bathmen staan 482 gins uit zeventien landen. Wie er een uitzoekt en er thuis de eerste de beste tonic bij schenkt, gooit een deel van die keuze weg. In een gin-tonic is de tonic meestal het grootste deel van het glas. Als de fles gin veertig milliliter levert en de tonic honderdvijftig, dan proef je vooral tonic.
Er is geen sluitend schema voor welke combinatie klopt. Wel zijn er een paar dingen die vaststaan over wat tonic is, wat de verschillen tussen tonics zijn, en welke richting je op moet met welk type gin.

Wat tonic is
Tonic is koolzuurhoudend water met kinine erin, plus zuur en meestal zoet. De kinine is het bittertje. Zonder kinine is het geen tonic maar bitter lemon of spuitwater met smaakje.
Kinine komt van de bast van de kinaboom, oorspronkelijk uit de Andes in Peru, Bolivia en Ecuador. Later werd de boom op grote schaal aangeplant op Java, dat lange tijd de belangrijkste leverancier van de wereld was.
Hoeveel kinine erin mag is in de Europese Unie gebonden aan een maximum van 100 milligram per liter. In de Verenigde Staten ligt de grens op 83 milligram. Dat is weinig, en dat is ook de bedoeling: in een moderne tonic is kinine een smaakstof en verder niets.

De vier soorten tonic die je tegenkomt
Indian tonic. De standaard. Duidelijk zoet, duidelijk bitter, verder weinig eigen smaak. Dit is de tonic waar de meeste gins op ontworpen zijn en waar je bij twijfel op terugvalt.
Light of slimline. Zelfde opzet, minder suiker. Het bittertje komt daardoor scherper naar voren en de drank wordt droger. Dat pakt niet altijd goed uit: bij een gin die zelf al scherp is wordt het al gauw hard.
Mediterranean. Minder kinine, meer kruiden en bloemen. Zachter en ronder. Deze wordt vaak aangeraden bij gins die zelf al veel meebrengen, maar hij kan een fijne botanicalmix ook overstemmen.
Aromatische en fruittonics. Vlierbloesem, rozemarijn, citrus, rood fruit. Hier stapelt smaak op smaak, en dat werkt alleen als de gin en de tonic niet dezelfde kant op duwen.
De regel die het meeste oplevert
Kies de tonic op wat de gin niet is.
Bij een gin die vooral op jeneverbes en koriander leunt, zoals de meeste London Dry, mag de tonic gewoon een neutrale Indian zijn. De gin heeft ruimte nodig, niet gezelschap. Een kruidige of bloemige tonic gaat hier de strijd aan met iets wat al af is.
Bij een gin met veel botanicals is het omgekeerde waar. Monkey 47 zet het aantal in de naam. Bij zo’n fles is een neutrale of juist een lichte, zachte tonic verstandiger dan een tonic die er zelf ook nog kruiden bij legt.
Bij een citrusgin, en daar hebben wij er een stuk of tien van met sinaasappel, citroen, limoen of grapefruit in de naam, zit de citrus er al in. Een tonic met nog meer citrus maakt het plat. Een neutrale tonic of een met kruiden geeft tegenwicht.
Bij een pink of fruitgin, en dat zijn er bij ons tien, geldt hetzelfde. Het fruit zit in de fles. De tonic hoeft alleen te verlengen.
Navy strength en gerijpte gin
Twee soorten vragen om een andere aanpak.
Van de vier navy strength gins die wij voeren zit er geen onder de vijftig procent. Bij zo’n fles verschuift de verhouding: dezelfde hoeveelheid gin brengt aanzienlijk meer alcohol in het glas, en de smaakstoffen komen navenant sterker binnen. Meer tonic of minder gin is dan geen zuinigheid maar techniek.
Van de acht gins waar aged, barrel of cask op staat is de helft Nederlands. Deze flessen hebben op eikenhout gelegen en brengen vanille en hout mee. Dat botst met een uitgesproken kruidentonic. Een neutrale tonic laat het hout staan, en sommige mensen laten de tonic hier helemaal weg.
De dingen die meer uitmaken dan de tonic
Hier zijn we eerlijk: de keuze tussen twee goede tonics is minder belangrijk dan drie andere dingen.
Koud. Tonic uit een lauwe fles verliest zijn koolzuur meteen. Zet de tonic in de koelkast, niet alleen de gin.
Veel ijs. Dat klinkt tegenstrijdig maar het klopt. Een glas met weinig ijs smelt sneller leeg en verdunt harder dan een glas dat tot bovenaan vol zit. Grote blokken smelten langzamer dan schaafijs.
Een kleine fles. Een aangebroken literfles tonic is de volgende dag niet meer wat hij was. Flesjes van twee deciliter kosten per liter meer, maar er gaat niets verloren.
En de garnering: die is er om geur toe te voegen, niet smaak. Een schil boven het glas uitknijpen doet meer dan een schijf in de drank leggen.

Wat wij niet gaan doen
Wij zetten geen lijstje neer waarin per fles staat welke tonic de juiste is. Die lijstjes bestaan, ze zien er overtuigend uit, en ze zijn grotendeels bedacht door de tonicfabrikant.
Wat je wel kunt doen is een fles gin kopen en er twee verschillende tonics naast zetten. Twee glazen, dezelfde gin, dezelfde hoeveelheid ijs. Dan hoor je het verschil in een paar minuten, en je weet meteen wat jij zelf prettig vindt in plaats van wat iemand anders vindt.

Waar je kunt beginnen
Vier flessen die duidelijk verschillende kanten op gaan, zodat je met een neutrale tonic al meteen hoort wat de gin doet. Een klassieke Engelse London Dry, een Schotse met een eigen botanicalmix, een Duitse met een lang plantenlijstje, en een mediterrane.
Verder kijken
Alle 482 flessen staan op de ginpagina, met aparte overzichten voor Nederlandse, Engelse en Schotse gin. Zoek je op alcoholpercentage, land of inhoud, dan kom je verder met de zoekmachine van de slijterij.
Twijfel je tussen twee flessen, bel dan even. Dat is aan de telefoon in twee minuten opgelost.

