Uitleg4 september 20265 min lezen

Er staan bij ons in Bathmen honderdachtentachtig jenevers op het schap. Zevenentwintig daarvan hebben het woord jong of jonge op het etiket, verdeeld over achttien verschillende huizen. Het is de hoek van de kast waar de meeste flessen doorheen gaan, en tegelijk de hoek waar de meeste misverstanden zitten.

Want jong slaat hier niet op wat je denkt. Het zegt niets over de leeftijd van de fles en niets over hoe lang de drank ergens gelegen heeft. Het is een receptuur, en die ligt tot achter de komma vast.

Jong is geen leeftijd maar een recept

Bij whisky staat er een getal op de fles en dat getal is een aantal jaren. Bij jenever werkt het anders. Jonge jenever mag de dag na het mengen de deur uit. Er is geen minimumtijd op hout, er is geen wachttijd, er is helemaal geen tijdseis.

Het woord jong komt uit de jaren na de Tweede Wereldoorlog en het betekende toen: nieuw, van het nieuwe type. Tijdens de oorlog was er nauwelijks graan te krijgen voor moutwijn, het traditionele basisdestillaat. Het aandeel moutwijn in de jenever zakte daardoor hard. Toen het graan terugkwam, bleek een deel van de drinkers die lichtere smaak inmiddels prettiger te vinden. Zo ontstonden er twee dranken naast elkaar: de nieuwe stijl, die jonge jenever ging heten, en het vooroorlogse recept met meer moutwijn erin, dat oude jenever ging heten.

Molen De Noord tussen de gebouwen aan de Noordvest in Schiedam
Molen De Noord aan de Noordvest in Schiedam. De Schiedamse molens zijn zo hoog gebouwd omdat ze boven de pakhuizen uit moesten steken om nog wind te vangen. Foto: Willem Adrianus Korpershoek (CC BY-SA 4.0), via Wikimedia Commons

Oud en jong zijn dus geen trappen van hetzelfde. Het zijn twee verschillende manieren van maken, die toevallig namen hebben gekregen die naar tijd klinken.

Maximaal vijftien procent moutwijn

Wat staat er dan wel vast? Voor jonge jenever gelden vier harde eisen.

  • Maximaal vijftien procent moutwijn.
  • Maximaal tien gram suiker per liter.
  • Kleurloos.
  • Minimaal vijfendertig procent alcohol.

Die eerste eis is de belangrijkste. Moutwijn is het destillaat dat in een ketel uit vergist graan wordt gestookt, en dat is het dure en het smaakvolle deel. De rest van de alcohol in een jonge jenever komt uit een kolomketel en is vrijwel smaakloos. Vijftien procent is een bovengrens, geen ondergrens, en in de praktijk zit er in veel jonge jenevers een stuk minder in dan dat.

Daarom is de smaak van jonge jenever zo terughoudend. Dat is geen slordigheid, dat is het ontwerp. Een jonge jenever moet neutraal genoeg zijn om koud uit de vriezer te drinken en om naast een biertje te staan.

Een koperen kolomketel in een distilleerderij
Een koperen kolomketel. Deze manier van stoken werkt continu in plaats van in ladingen, en dat maakte tussen 1890 en 1910 vrijwel een einde aan de oude branderijen. Foto: Yukonmanner (CC BY-SA 4.0), via Wikimedia Commons

Waarom de kolomketel alles veranderde

Tot eind negentiende eeuw was er geen keuze. Wie jenever wilde maken, moest moutwijn stoken, want ander destillaat was er niet. Toen kwam de kolomdistillatie, en daarmee de mogelijkheid om zuivere ethanol te maken in een doorlopend proces, uit welke grondstof dan ook.

Dat was op alle fronten goedkoper. Er hoefde niet meer in drie aparte ronden gestookt te worden, en omdat je van het eindproduct toch niets proeft, kon de grondstof melasse of aardappel zijn in plaats van rogge en gerst. Tussen 1890 en 1910 verdwenen de klassieke branderijen daardoor bijna allemaal. Wat overbleef was de gewoonte om er een deel moutwijn bij te doen, voor de smaak.

De jonge jenever van nu is het rechtstreekse gevolg van die omslag. Hij is de kolomketel met een scheutje geschiedenis erin.

Let op het woord graanjenever

Hier wordt het interessant, want er staat op veel van onze flessen niet jonge jenever maar jonge graanjenever. Dat woord graan is geen sier. Wie graanjenever op het etiket zet, verplicht zich ertoe dat alle alcohol in de fles uit granen komt, ook de neutrale alcohol uit de kolomketel. Geen melasse, geen aardappel, geen suikerbiet.

Van de zevenentwintig jonge jenevers die wij staan hebben, dragen er dertien uitdrukkelijk het woord graanjenever. Dat is het detail waar je in de winkel op kunt letten, en het is een van de weinige dingen die een etiket je gratis vertelt.

Rijpe en onrijpe jeneverbessen aan een tak van de jeneverbes
Rijpe en onrijpe jeneverbessen aan dezelfde tak. Botanisch is het geen bes maar een kegel met vlezige schubben, en aan dezelfde struik hangen jaargangen naast elkaar. Foto: Crusier (CC BY 3.0), via Wikimedia Commons

Nog een detail: voor jonge jenever bestaan geen voorschriften over kruiden. Er mogen jeneverbessen in, maar het hoeft niet. Bij oude jenever moet de jeneverbes wel waarneembaar zijn. Dat verschil staat nergens op de fles.

Jonge jenever is een beschermde naam

Wat wel goed geregeld is: jonge jenever en oude jenever staan allebei als eigen naam op de Europese lijst van beschermde aanduidingen, en die bescherming geldt alleen voor Nederland en België. Een fabrikant elders in Europa mag het woord dus niet op een fles zetten.

Dat is meer dan whisky uit Japan tot 2021 had, en meer dan de meeste ginstijlen hebben. Waar de regels bij gin vooral over de smaak gaan, gaan ze bij jenever over de samenstelling. Lees daarover ook ons stuk over wat London Dry wettelijk betekent.

Voorgevels aan de Lange Haven in Schiedam, waaronder het pand van het Jenevermuseum
Voorgevels aan de Lange Haven in Schiedam. In 1795 telde de stad honderdachtentachtig branderijen, precies het aantal jenevers dat wij nu op het schap hebben staan. Foto: Gerard Dukker (CC BY-SA 4.0), via Wikimedia Commons

Waar je kunt beginnen

Van onze honderdachtentachtig jenevers staan er vijfenvijftig op precies vijfendertig procent, het wettelijke minimum voor jonge en oude jenever. De jonge jenevers daaronder liggen dichter bij elkaar dan bij de oude jenevers het geval is, want de speelruimte is kleiner: minder moutwijn betekent minder verschil.

Het verschil dat er wel is, zit in het huis. Een ambachtelijke stoker met eigen moutwijn levert een andere jonge jenever af dan een groot merk dat op inkoop werkt. Weet je niet waar je moet beginnen, kom dan langs of bel 0570 541 278, dan zetten we er een paar naast elkaar.

Verder kijken

Alle jenevers bij elkaar staan op onze pagina jenever, en zoeken kan rechtstreeks in de zoekmachine van de slijterij. Per huis is er een eigen pagina: Rutte, Bols, Boomsma, Hooghoudt, Filliers, Ketel 1, Stoocker en Bokma.

Wil je weten wat er in Nederland verder gestookt wordt met dezelfde jeneverbes, lees dan Nederlandse gin: welke distillateurs hier stoken.

De andere twee stijlen staan uitgelegd in Oude jenever en moutwijn en Corenwijn. Wil je de drie in één tabel naast elkaar zien, kijk dan bij Jonge jenever, oude jenever en corenwijn naast elkaar. En hoe er precies gestookt wordt, staat in Hoe jenever gestookt wordt.